9 makkelijke gitaarakkoorden voor beginners (met diagrammen)
Delen
Speciaal voor beginnende gitaristen: negen open akkoorden waarmee je een enorme hoeveelheid nummers kunt spelen. Open akkoorden heten zo omdat je een aantal snaren onaangeraakt laat meeklinken — daardoor zijn ze makkelijker te grijpen dan barré-akkoorden en klinken ze meteen vol.
Leer er vier of vijf van, en je kunt vanavond nog je eerste nummer spelen.
Hoe lees je een akkoorddiagram?
De diagrammen hieronder stellen de hals van je gitaar voor, gezien vanaf de voorkant:
- Verticale lijnen zijn de snaren. De meest rechtse lijn is je dunste snaar (hoge E).
- Horizontale lijnen zijn de frets.
- Stippen geven aan waar je een vinger neerzet.
- Nummers geven aan welke vinger: 1 = wijsvinger, 2 = middelvinger, 3 = ringvinger, 4 = pink.
- Een kruisje boven een snaar betekent: deze snaar niet aanslaan, of dempen met je vinger.
De zes majeurakkoorden
Majeurakkoorden klinken open en vrolijk.
C majeur
Helder en vriendelijk. Zit in ontelbare popnummers.

A majeur
Zonnig en veelzijdig. Alle drie je vingers komen op dezelfde fret — even passen en meten, maar daarna eenvoudig.

G majeur
Groots en vol. Een van de meest gebruikte akkoorden op de akoestische gitaar.

E majeur
Diep en resonant, omdat alle zes snaren meeklinken. Veel gebruikt in rock en blues.

D majeur
Licht en speels. Let op: sla alleen de onderste vier snaren aan.

F majeur
De lastigste van de negen, omdat je twee snaren tegelijk met één vinger moet indrukken. Iedereen worstelt hiermee in het begin — dat hoort erbij. Blijf oefenen, want F is onmisbaar.

De drie mineurakkoorden
Mineurakkoorden klinken donkerder en emotioneler. Ze verschillen vaak maar één vinger van hun majeurvariant.
A mineur
Gevoelig en melancholisch. Perfect voor ballades, en het scheelt maar één vinger met C majeur — een makkelijke wissel dus.

E mineur
Het makkelijkste akkoord van allemaal: slechts twee vingers. Als je vandaag begint, begin dan hier.

D mineur
Treurig en expressief. Ook hier: alleen de onderste vier snaren aanslaan.

Begin met deze drie akkoordenreeksen
Losse akkoorden zijn nog geen muziek. Deze drie reeksen liggen onder honderden bekende nummers:
- G – D – Em – C — waarschijnlijk de meest gebruikte reeks in de popmuziek.
- C – Am – F – G — de klassieke jaren-50 reeks, hoor je nog steeds overal.
- Em – C – G – D — dezelfde akkoorden als de eerste, andere volgorde, heel andere sfeer.
Speel elk akkoord vier tellen en wissel dan. Zodra dat soepel gaat, ben je aan het spelen.
Vier tips om sneller vooruit te komen
- Oefen de wissel, niet het akkoord. Het akkoord grijpen leer je in een dag; er soepel naartoe wisselen is het echte werk. Wissel steeds tussen twee akkoorden, langzaam, en versnel pas als het schoon klinkt.
- Zet je vingers rechtop. Raak je per ongeluk een naastgelegen snaar, dan is dat bijna altijd omdat je vinger te plat ligt.
- Druk vlak achter de fret. Niet er middenop en niet erbovenop — vlak ervoor kost de minste kracht.
- Kort maar dagelijks. Vijftien minuten per dag levert veel meer op dan twee uur op zondag.
Over pijnlijke vingers en afbrekende nagels
In de eerste weken doen je vingertoppen pijn. Dat gaat vanzelf over zodra je eelt opbouwt — doorspelen is hier het antwoord.
Ga je met je vingers tokkelen in plaats van met een plectrum, dan loop je tegen iets anders aan: je nagels. Ze slijten sneller, scheuren in of blijven achter de snaren haken. Vijl ze in één richting met een fijne vijl in plaats van ze te knippen, en houd ze soepel met nagelolie. Dat scheelt een hoop gedoe.
Aan de slag
Begin met Em, G en C. Alleen die drie al leveren je een handvol nummers op. Voeg daarna D en Am toe, en tot slot A, E, Dm en F.
Pak je gitaar, stem hem, en begin. Veel plezier.
1 reactie
Noem dit maar makkelijk, de E-mineur is mijn favoriet hahaha!